Terwijl jouw concurrent zijn vijfde carousel post, pakt de eerste videomaker in jouw sector het bereik
LinkedIn heeft de afgelopen jaren stilletjes dezelfde beweging gemaakt als Instagram en TikTok eerder deden: native video krijgt meer distributievoorkeur dan andere formats. Dat is geen gerucht, dat zie je gewoon in je eigen feed als je er even op let. Video's van mensen die je nauwelijks kent, verschijnen bovenaan. Een carousel van iemand met een groot netwerk verdwijnt onder de vouw. LinkedIn heeft dit ook expliciet gecommuniceerd: ze hebben een aparte video-feed gebouwd en pushen het format actief. En toch post bijna iedereen in B2B nog tekst.
Waarom B2B en video elkaar zo slecht lijken te begrijpen
De misvatting zit diep: video is voor consumenten, voor sport, voor entertainment. LinkedIn is voor gedachten, analyses, lange teksten. Dat klopte misschien ooit. Nu niet meer. Wat ik steeds zie bij bedrijven die wel video proberen: ze maken een productievideo, een bedrijfsfilm, iets dat op de homepage past. En dat zetten ze dan ook maar op LinkedIn. Het werkt niet, want het is geen LinkedIn-content, het is reclamemateriaal dat per ongeluk op een socialmediaplatform terechtkomt. De kijker herkent het meteen en scrolt door.
Elke week posten zonder dat het wat oplevert?
Schrijf in twee zinnen waar het vastloopt. Je krijgt binnen één werkdag antwoord van Mark zelf, of prik meteen een moment in de agenda.
Wat een beslisser wil zien op LinkedIn
Een CFO, een inkoopmanager, een directeur: die zitten 's ochtends tien minuten op LinkedIn. Ze zoeken geen advertentie. Ze zoeken iets dat hen iets leert, iets dat hen een mening geeft, iets waarna ze denken: dit bedrijf snapt mijn wereld. Dat doe je niet met een gepolijste merkfilm. Dat doe je met een video van 60 tot 90 seconden waarin jij, of iemand bij jou in het bedrijf, een concreet probleem uitlegt dat die beslisser herkent. Geen verkooppitch. Gewoon expertise, zichtbaar gemaakt.
Format: kort, native, geen link in de post
LinkedIn straft externe links af. Upload de video direct op het platform, zet geen link naar YouTube in de post zelf. Ondertiteling is geen optie maar standaard: de meeste mensen kijken zonder geluid. Verticaal of vierkant werkt beter dan 16:9, zeker op mobiel. De eerste drie seconden bepalen of iemand blijft of niet, dus begin niet met een logo of een aftiteling. Begin met de vraag of de stelling die de rest van de video beantwoordt. Dat is alles. Geen grote productie nodig, wel een helder idee.
Nieuwsbrief
Krijg de beste social & video tips in je inbox.
Eén mail per maand. Concrete tactieken, geen ruis. Uitschrijven kan altijd.
Wat je over kunt praten als B2B-bedrijf
Veel B2B-ondernemers haken hier af. 'Wij verkopen software voor voorraadbeheer, wat moet ik dan filmen?' Meer dan je denkt. Een veelgemaakte fout die jouw klanten maken, uitgelegd in 60 seconden. Een beslissing die jij vorige maand nam en waarom. Een vraag die je steeds weer krijgt van prospects, direct beantwoord. Een verandering in de markt waar jouw klant nu iets mee moet. Stel je voor dat een logistiek bedrijf elke week één video maakt over een herkenbare frustratie in hun sector: te late leveringen, slechte datafeed van leveranciers, wat dan ook. Na drie maanden is die persoon de meest herkenbare stem in hun niche op LinkedIn. Dat is geen toeval, dat is structuur.
Wat ik zie bij B2B-bedrijven die beginnen met video
Het patroon is redelijk voorspelbaar. Een bedrijf besluit video te gaan doen. De eerste video is ongemakkelijk, de tweede ook. Rond de vijfde of zesde video begint iemand in het netwerk te reageren, iemand die ze al lang kennen maar nooit als klant hadden. Dan begint het te klikken. Niet omdat de productiewaarde ineens omhoog is gegaan, maar omdat de persoon gewend is geraakt aan het format en rustiger praat. De content wordt duidelijker. Bereik volgt kwaliteit van het idee, niet van de camera. Ik heb dit van dichtbij gezien bij bedrijven die we begeleiden bij Betterview: de grootste drempel is de eerste tien video's overleven. Daarna is het een andere discussie.
De valkuil: beginnen met productie in plaats van strategie
De duurste fout die ik zie: een bedrijf huurt een videograaf in voor een dag, maakt acht video's, post ze allemaal in twee weken, en concludeert dan dat video niet werkt op LinkedIn. Wat er fout gaat is niet de kwaliteit van de opnames. Het is dat er geen idee achter zit over wie je wilt bereiken, welk probleem je voor hen oplost, en waarom jij de persoon bent om dat te zeggen. Video is het uitvoeringsmiddel. De strategie is wat je verkoopt. Als die twee niet kloppen, maakt betere apparatuur het niet beter. Je maakt dan gewoon sneller en duurder content die niemand verder helpt.
Begin vandaag nog
Als je wilt weten waar je LinkedIn-kanaal nu staat en wat de ruimte is in jouw sector, doe dan de gratis analyse op betterview.nl/analyse. Je vult je handle in, en je ziet meteen wat er werkt, wat ontbreekt en waar het bereik ligt dat je nu laat liggen. Geen verplichtingen, gewoon een eerlijk beeld.